soorten gesprekken
Bij de verschillende soorten gesprekken is de opbouw wel hetzelfde maar het accent is toch anders.
Telefoongesprek
Het is meestal een kort en zakelijk gesprek. en het heeft betrekking op een kerndoel. Je informeert bijvoorbeeld naar een cliënt die pas is overgeplaatst. Omdat de ander je niet ziet moet je laten horen dat je er bent. Dus regelmatig reageren, samenvatten en hummen.
-aanloopfase
je groet kort en duidelijk zodat de ander weer wie je bent.
-planningsfase
Je geeft kort en krachtig aan waar het gesprek over gaat.
-slotfase
Je besteedt aandacht aan de samenvatting of aan de afspraken.
Baliegesprek
Een kort gesprek aan de balie met een cliënt of een bezoeker.
-aanloopfase
Begroeten en contact maken. Laat zien dat je bereid bent om te helpen.
-Rollen en doel van het gesprek bepalen. In deze fase wordt duidelijk wat je wel en niet kunt doen om de ander te helpen.
-themafase
Als je de goede hulpvraag stelt kun je de ander snel verder helpen.
-slotfase
Je vat het gesprek kort samen en vraagt of de ander tevreden is.
Intakegesprek
Je voert een intakegesprek om de gegevens van de cliënt te verzamelen en zijn hulpvraag duidelijk te krijgen.
Je geeft aan de cliënt informatie over jouw organisatie en over de regels en de protocollen.
Je vraagt naar cliëntinformatie die van belang is voor de opname.
Je stemt de verwachtingen van elkaar af.
-aanloopfase
Begroeten en social talk. Je besteedt aandacht aan een goede sfeer.
-planningsfase
Je geeft het doel van het gesprek weer en de werkwijze.
themafase
Informatie geven en vragen.
-slotfase
Vragen naar onduidelijkheden.Het is belangrijk dat de cliënt weet wat hij kan verwachten van de organisatie en de organisatie weet wie de cliënt is.
Kennismakingsgesprek
Dit gesprek voer je om elkaar beter te leren kennen. Als professional wil je meer weten over de achtergrond van de cliënt. Een kennismakingsgesprek volgt vaak na het intakegesprek.
- aanloopfase
Begroeten en social talk. Het is vaak een eerste ontmoeting. Zorg dat je gesprekspartner op zijn gemak is.
-planningsfase
Je verduidelijkt het doel en de rollen.
-themafase
Laat onderwerpen aan bos komen waarover je meer wil weten van de ander.
-slotfase
Geef een samenvatting van de belangrijkste punten. Vraag of alles duidelijk is.
Sollicitatiegesprek
Als er een vacature vrij komt in de organisatie waar je werkt kun je gevraagd worden plaats te nemen in de sollicitatiecommissie. Je voert dan samen met andere collega´s een sollicitatiegesprek met kandidaten.
-aanloopfase
Begroeten en social talk.Je besteedt aandacht aan de sfeer, Je wil dat degene die solliciteert zich op zijn gemak voelt.
-planningsfase
Maak gespreksafspraken zodat de sollicitant weet hoe het gesprek gaat lopen.
-themafase
Stel die vragen die nodig zijn om te beoordelen of de sollicitant degene is die je zoekt. De sollicitant wil natuurlijk van alles weten over de sollicitatie dus je moet hem ruimte geven om vragen te stellen.
-slotfase
Evalueren,je herhaalt de afspraken en neemt afscheid.
Evaluatiegesprek
Je gaat na of de bepaalde afspraken handelingen en acties succesvol zijn geweest. Je zet de feiten nog eens op een rijtje.
-aanloopfase
Social talk om een goede sfeer te creëren.
-planningsfase
Je benoemt het doel van het gesprek en de werkwijze zodat de cliënt weet wat hij kan verwachten.
-themafase
Je bespreekt de feiten concreet en duidelijk. Je vraagt door op de relevante onderwerpen zodat je een duidelijk beeld krijgt van de situatie.
-slotfase
Vat de afspraken samen en noteer ze SMART. Vraag of alles duidelijk is voor de cliënt.
Klachtengesprek
Als je ergens ontevreden over bent kun je een klacht indienen. In een klachtengesprek maakt de cliënt zijn klacht kenbaar. Hij wil zijn klacht toelichten en serieus genomen worden. Je moet met een open houding luisteren en een veilige sfeer creëren.
-aanloopfase
Social talk helpt de sfeer positief te beïnvloeden.
-planningsfase
Werkwijze, doel en rol afstemmen.
-Themafase
Je stelt gerichte vragen om de klacht concreet te krijgen.Je kijkt samen naar oplossingen en alternatieven.
- Slotfase
Je evalueert het gesprek en peilt de tevredenheid. Je vat de afspraken samen en neemt afscheid.
Slechtnieuwsgesprek
Het is nooit leuk om slecht nieuws te brengen. Het is niet goed om om de hele brei heen te draaien.In plaats daarvan breng je krachtig het slechte nieuws over.Je laat de ander reageren en toont empathie.Je moet goed voorbereid zijn op het gesprek.
-aanloopfase.
Een korte begroeting
-planningsfase
Houd het kort. Gebruik een inleidende zin.
-themafase
Je komt direct tot de kern. Bijvoorbeeld een stagegesprek dat een stage niet verlengd gaat worden. Je laat de ander reageren. Hij kan boos of verdrietig zijn. Je toont begrip voor de gevoelens. Eventueel zoek je samen naar oplossingen.
-slotfase
Als er afspraken zijn gemaakt, vat je die samen. Je vraag of ze duidelijk zijn. Daarna neem je afscheid.
Voorbeeld slechtnieuwsgesprek:
Goedemorgen Fraukje. Ga zitten. Ik wil het met je hebben over je stagecontract. We gaan het niet verlengen.
Functioneringsgesprek
Dit gesprek gaat tussen de leidinggevende en de medewerker. Het doel is het bespreken van de samenwerking en het functioneren van de medewerker.Het vindt een keer per jaar plaats met een vaste structuur.
-aanloopfase
Begroeten en social talk.
-planningsfase
Je bepaalt het doel, de werkwijze en de onderwerpen.
-themafase
Je bespreekt de onderwerpen. Je bespreekt de verbeterpunten. Daar maak je afspraken over.
-slotfase
Je evalueert het gesprek, vat samen en herhaalt de afspraken.
Kritiekgesprek
Als je het niet eens bent met het gedrag van een medewerker voer je een kritiekgesprek.Het doel van het gesprek is gedragsverandering. Het gaat niet om iets incidenteel maar structureel onwenselijk gedrag. Daarnaast is er een kennisdoel en een houdingsdoel. Een goede voorbereiding met voorbeelden is belangrijk.
-aanloopfase
Je begroet de ander kort
-planningsfase
Je benoemt de aanleiding van het gesprek. Je bepaalt de rollen,het doel en de werkwijze.
-themafase
Dit komt aan bod:
-Het kritiekpunt.
- Je geeft de ander de ruimte om te reageren op de kritiek.
-Je achterhaalt de mogelijke oorzaak.
-Je bespreekt een mogelijke oplossing.
-slotfase
Je legt de afspraken vast en sluit het gesprek af.
Een dilemma
ik was pedagogisch medewerker op een BSO . Ik begeleidde kinderen van 4 tot en met 8 jaar. Ik deed creatieve activiteiten en hielp ze in hun ontwikkeling.
Op een gegeven moment was de groep maximaal bezet. De kinderen werden er onrustig van. Er waren afspraken gemaakt zoals prikkelarme momenten. Zo begonnen ze de middag met voorlezen. Een collega wilde zich niet aan de afspraken houden.
Op een dag was de groep ook weer erg onrustig. Ik ging voorlezen maar mijn collega deed dat niet. Het deel van mijn collega stoorde mijn kinderen en mijn kinderen klaagden dat ik voorlas terwijl de andere kinderen niet hoefden te luisteren. Het kostte mij dus extra moeite om mijn kinderen onder controle te houden. Ik had er genoeg van. Wat moest ik doen?
Ik kan mijn collega aanspreken dat ik veel last heb van haar kinderen en dat zij ook zou voorlezen
of
ik kan mijn collega na het werk even vragen of ze tijd heeft om wat te bespreken.
Ik zou voor de laatste optie gaan want kinderen hoeven niet te weten dat wij het niet met elkaar eens zijn.
Reacties
Een reactie posten